Date 1997-11-14

Publication De Standaard

Performance(s) Just Before

Artist(s) De Keersmaeker, Anne Teresa

Company / Organization Rosas

Keywords stellacampbellgrondlaagolivanuitgewerktbrucerobertolichtheiddegenereich

Virtuoos vlechtwerk van bewegingen: Munt brengt nieuwe choreografie van Anne Teresa De Keersmaeker

Brussel -- "In den beginne was het woord" is een gezegde dat wel heel toepasselijk is op Just before, de nieuwe choreografie van Anne Teresa De Keersmaeker. Het werk opent -- in het licht van wat volgen gaat -- verrassend eenvoudig. Vanuit de open coulissen gaan de dansers op een lijn staan. Van links naar rechts spreken ze allemaal dezelfde openingsfrase uit: "The object is..." Het object dat ze dan vernoemen, roept telkens een fait divers op, een aanzet tot een verhaal. Onmiddellijk daarna, alsof het woord een doos van Pandora van onverwachte sensaties doet openklappen, barst elke danser uit in een korte, virtuoze bewegingssequens, waarin iets van de kleur van zijn of haar bewegen en zijn getoond wordt.

Deze opening verwijst, door de expliciete particuliere presentatie van elke danser, naar vroeger werk van Rosas. Ook in Stella werd de choreografie sterk toegeschreven naar de persoonlijkheid van de dansers. Toen uitsluitend vrouwen, en dat verschil is niet onbelangrijk. Stella was een bijna microscopische analyse van hoe vrouwen gedwongen worden te verschijnen in de blik van een man.

Het blikveld van Just before, waarin vijf mannen staan tegenover zeven vrouwen, is net het tegendeel: een bijna panoramisch beeld van het menselijk bedrijf dat veel minder schuurt en knarst dan Stella. In plaats daarvan komt een breed uitgewerkt, uitzonderlijk virtuoos gecomponeerd vlechtwerk van bewegingen en gebaren dat je twee en een half uur lang overdondert.

De overheersende indruk van het werk, dat zich nauwelijks laat samenvatten, is er een van doorgedreven stilering en uitpuring. Een effect dat nauw verbonden is met het thema van deze voorstelling: de herinnering en de parten die ze ons speelt. De aanzetten van verhalen die de dansers bij de aanvang opdissen, zijn eigen herinneringen, hoewel degene die vertelt niet noodzakelijk degene is van wie het verhaal afkomstig is. Zo werkt Taka Shamoto later het verhaal uit van een stadje in Schotland, terwijl Bruce Campbell het heeft over een stilstaande bus in Tokyo, een verhaal dat eerder van Fumiyo Ikeda afkomstig zou kunnen zijn.

Lichtheid

Zo wordt een grondlaag van herhalen en herinneringen geweven, een,door de dansers gedeelde ervaring, waar langzaam de kleine ongerijmde details uit weggefilterd raken -- al duiken ze her en der met onvermoede kracht weer op. Geen verhaal heeft nog een absolute kracht, zoals blijkt uit de woordenwisseling tussen Bruce Campbell en Roberto Olivan de la Iglesia, waarin dezelfde vrouw op twee erg verschillende manieren beschreven wordt.

Een analoog verhaalis te vertellen over de bewegingstaal van de dansers. Uit het aangedragen materiaal ontstaat al snel een grondlaag van bewegingen die niet meer de scherpe kantjes en directheid van het onwillekeurige gebaar hebben, maar uitgezuiverd zijn tot een taal die van haar zwaarte en onbeholpenheid ontdaan is. In de plaats komt een "lichtheid en vitaliteit", zoals het programmaboekje het precies uitdrukt, die in zich nog wel de sporen draagt van de oorsprong van de bewegingen, maar die oplost in een zich schijnbaar spontaan ontwikkelend spel van vernuftige structuren.

Voorbeelden te over, gaande van een herneming van een fragment uit Amor constante tot het volgende kleine pareltje uit het eerste deel. Terwijl één na één de percussionisten plaatsnemen aan trommels in het midden van de scène om Drumming, part l van Steve Reich te spelen, duikt Cynthia Loemij op. Roberto Olivan betreedt even later de scène van de andere kant, en voor je het goed beseft zijn zij verwikkeld in een vernuftig uitgewerkt spiegelballet, met kleine variaties binnenrijmen als het ware in een perfect uitgewerkt bewegingsgedicht.

Wat me brengt op de belangrijke rol van de percussie in dit spel van uitzuivering en verdichting. Muziek van John Cage, Thierry De Mey, Magnus Lindberg en Steve Reich wordt uitgevoerd door het Ictus-ensemble onder leiding van Georges-Elie Octors. Zij speelt een hoofdrol in het integreren van de vele verhalen en fragmenten van dit complexe en ambitieuze werk. Het gaat hier immers om niets minder dan een poging om lood in goud te veranderen: om een heerlijk fresco te bouwen uit de brokstukken van een verwarde en ondoorgrondelijke wereld.

Nog te zien tot en met zondag telkens om 20.30 u in de Munt in Brussel.