Ernest W. Schmidt: "'t Is de gang der wereld

Lode Monteyne, 1926


Source

Lode Monteyne, Kritische Bijdragen voor tooneel. Antwerpen: Ruquoy, Delagarde en Van Uffelen, 1926, pp. 67-74.


Items that may be related to this text • More...

  1. ◼◼◼◻◻ Lode Monteyne: Herman Teirlinck: "D... 1926
  2. ◼◼◼◻◻ Lode Monteyne: Ernest W. Schmidt: "... 1926
  3. ◼◼◻◻◻ Lode Monteyne: Herman Teirlinck: "I... 1926
  4. ◼◼◻◻◻ Lode Monteyne: Ernest W. Schmidt: "... 1926
  5. ◼◼◻◻◻ Lode Monteyne: Ernest W. Schmidt: "... 1926

'T IS DE GANG DER WERELD

We leven in een tijd van leuzen en slagwoorden ! Het tooneel -- de meest levendige en directe vorm der literaire kunst -- ontsnapt niet aan die mode. Langs alle kanten wordt er geroepen om vernieuwing -- wellicht met wat méér kracht, dan vorige geslachten van schrijvers het deden -- en langs alle zijden wordt de hechte burcht der traditie door ouderen en jongeren, door groene zoowel als door rijpende talenten, met beeldstormersheftigheid aangevallen.

Van al de « pogingen tot verjonging », die op het tooneel mochten gerealiseerd worden, slaagden tot nog toe slechts « De Vertraagde Film » en «Ik Dien...» van Teirlinck. Wanneer we spreken van « slagen », dan bedoelen we, dat deze stukken scenisch leefbaar zijn gebleken, althans in dezen tijd van gisting en verlangen naar altijd wat anders bij een publiek, dat in de bioscoop door een immer wisselend decor en een voortdurend uiterlijke handeling, werd verwend. Achteraf beschouwd heeft Teirlinck de procédés van de film op het theater willen overbrengen -- een opzet, waarin hij, tot op een zekere hoogte mocht lukken.

Hij heeft echter méér gedaan dan eenvoudig de jonge en nog onvolkomene traditie der zevende kunst overnemen en wijzigen naar de eischen der tooneel-techniek.

Het eigenlijke drama onderging insgelijks een wijziging -- een oppervlakkige wijziging, weliswaar. Teirlinck ziet het drama op het tooneel en tegelijk de weerspiegeling van het gebeuren in geest en gemoed van den toeschouwer. Zijn dramatiek is actie en reactie... Actie op het tooneel... Reactie in de zaal, onder het publiek...

Vooral voor « Ik Dien » is dit het geval. Maar dan moeten we ook eerlijk bekennen, dat de vorm, waarin zich deze reactie openbaart, nog erg onvolkomen blijkt te zijn en dit deel van zijn kunst vooral een pogen blijft...

Voor wie niet gedreven zijn door eenige innerlijke noodzakelijkheid kan het navolgen van deze zgn. modernistische procédés ontaarden in een soort van geestelijke acrobatie, waarbij de natuur geweld wordt aangedaan en een ontluikend talent geknakt. Het is een veeg teeken voor onze nog zeer jonge tooneelliteratuur, die op geen sterke traditie steunen kan, dat de vernieuwing der uiterlijke vormen thans veler aandacht geheel in beslag neemt, waar wij al onzen ijver zouden moeten uitputten om onze dramatische kunst naar het innerlijk te verdiepen of te verbreeden en aan originaliteit te doen winnen...

Schmidt, die lang niet vijandig staat tegenover nieuwe concepties, is, gelukkig, gevrijwaard gebleven van de heerschende modeziekte. En toch zal niemand hem, terwille van zijn trouw aan de door kritiek gezuiverde traditioneele vormen, durven « verouderd » te noemen. Het jongste werk van Schmidt is daardoor te veel: een spiegel van dezen tijd. En wanneer men, over zóóveel eeuwen, de stukken van Teirlinck bespreken zal in de handboeken voor letterkundige geschiedenis als literaire verschijnselen van beteekenis, zal men aan het oeuvre van Schmidt, in zijn geheel beschouwd, niet enkel een artistieke doch ook een zuiver historische waarde hechten, zooals wij-zelf doen wanneer we b.v. « De Spaensche Brabander » herlezen. Wat het werk van Schmidt, zelfs dan wanneer zijn greep in 't volle menschenleven niet gelukkig schijnt, altoos voor volledigen ondergang bewaart, is zijn trouw aan de Vlaamsche traditie, aan de... realistische traditie, die thans zoozéér wordt versmaad door hen, wier geestelijk leven zich beweegt tusschen dorre formules uit vreemde tijdschriften samengelezen. De Vlamingen slagen er nooit in, zich heelemaal los te maken van deze overlevering, die hen absoluut niet dwingt tot een klakkeloos aannemen van een naturalistisch kunstcredo. Hun verbeelding kan wel stijgen boven de werkelijkheid uit. Doch ze blijft daarmee in verband. Met onze fantasie gaat het als met den leeuwerik. « Waar hij jubelend de hoogte inwiekt is er toch altijd een korenveld... Daaruit stijgt hij op. Daarheen keert hij weer... Hoe hoog hij ook klimt, toch blijft hij het zien. Het contact met de aarde, met de werkelijkheid is nooit geheel verbroken. »

* * *

't Is de gang der wereld...

Wanneer de kinderen groot geworden zijn verlaten ze hun ouders, zooals deze het eens deden toen ze zelf een gezin wilden stichten... Het is de eeuwige wentelgang van het bestaan. Vader en moeder beseffen het wel, al schijnen zij het feit-zelf in den loop der jaren te hebben vergeten. Doch vóór ze berusten, strijden ze tegen hetgeen ze toch onontwijkbaar weten... Dat is het dramatisch motief, waarop de drie bedrijven van Schmidt's tooneelspel werden gebouwd. Het is de tragiek van het dagelijksche leven, welke uit schijnbaar onaanzienlijke voorvalletjes wordt geboren, die het wisselend gebeuren beheerscht en stuwt. En wanneer de auteur zich bepaald had tot de zuivere, eenvoudige uitwerking van dit conflict, dat eeuwig is, dan zou zijn werk van-zelf een algemeen-menschelijke waarde gekregen hebben.

Bij de lezing zoowel als gedurende de opvoering van dit jongste werk van Schmidt, trof het ons hoe hij zich heeft bewogen op twee verschillende plans, die steeds evenwijdig tegenover elkander blijven. De auteur heeft geen middel kunnen vinden, waardoor een vaste, natuurlijke verbinding zou tot stand komen. In de eerste twee bedrijven staat hij te midden zijner schepselen op den beganen grond, in volle realiteit... Het komt er voor hem op aan een atmosfeer van werkelijkheid te scheppen. In dit opzet slaagt hij dan ook volkomen en we vinden in deze twee bedrijven den knappen schrijver van « Het Kindernummer » terug.

Hier gaat het vooral om de schildering van menschen met een bizondere mentaliteit in een eigenaardig milieu.

Maar dan wil Schmidt, met een bewustheid waaraan hij uiting geeft in het voor zijn stuk gekozen motto « uitgaan van het bizondere om te komen tot het gemeenschappelijke », zich verheffen op een plan van algemeener menschelijkheid, wat -- in dit geval -- beteekent : zich losrukken uit de sfeer van het zuivere realisme... Dit nu ging niet zonder dat er een breuk ontstond waardoor de gaafheid van het geheel geschonden en de harmonie van de drie bedrijven verstoord werd. We worden, niet zonder gewelddadigheid, gerukt uit een pittoresk midden, om plots verplaatst te worden in een tooneel, waar zich een strijd van gevoelens ontwikkelt. De zedenkomedie lijkt, in één omzwaai en zonder eenige voorbereiding of geleidelijkheid, veranderd in een spel van sentimenten ! Het aanwenden van stijlvolle, zeer eenvoudige decors, waardoor de aandacht nimmer op naturalistische detailleering wordt afgeleid; het spelen in uiterst soberen trant, met gebaren en stemintonaties, die de werkelijkheid eerder doen vermoeden dan volledig aanduiden, kon deze wijziging van plan niet aannemelijk maken.

Het woord van Schmidt, die het niet versmaadt een schilderachtige, volksche uitdrukking met zijn dialoog te verweven om daarvan de karakteristieke kleur te verscherpen, bezit te veel kracht tot het wekken van atmosfeer, om door dergelijke « uiterlijke » middelen het schelle realisme der zedenschildering te milderen. Al die styliseering bij de opvoering, welke blijkbaar door den schrijver was gewild, beteekende verraad plegen tegenover zijn kunst. De dubbelzinnigheid in de bedoelingen van den auteur werd erdoor onderlijnd... Tot een zuivere weergave der gevoelens in botsing, tot een zich heelemaal losmaken uit de realistische omgeving, komt het overigens in het derde bedrijf niet.

Te veel typische details in conversatie en handeling tanen den glans van dit bedrijf als spiegel van een strijd, waarbij enkel gevoelens -- algemeen-menschelijke gevoelens -- en geen gewoon-menschelijke belangetjes in botsing komen ! En is het aannemelijk, dit bizondere conflict tusschen ouders en kinderen op dit plan van algemeen-menschelijkheid te verheffen, wanneer we toch weten, uit de eerste bedrijven, dat nood en geldzucht het zuivere gevoel komen vertroebelen -- niet het minst bij de moeder ! Wanneer een auteur alleen een botsing van zeer algemeene, vast elementaire gewaarwordingen wil dramatiseeren, dan mag hij als dragers van die sentimenten geen menschen kiezen, die vooral treffen door hun eigenaardige mentaliteit, -- die « typen » zijn !

Elk abstraheeren en zoeken naar de quintessens wordt op die wijze een onmogelijkheid ! Schmidt had zijn derde bedrijf kunnen uitwerken als de voorgaande. De zeer geslaagde figuur van oom Louis, die we slechts in de eerste twee akten te zien krijgen, kon tot voortzetting der zeden-komedie aanleiding hebben gegeven. Er bestond voor den scherpen opmerker Schmidt, wiens blik door geen tranen van sentimentaliteit wordt gefloersd, aanleiding om eens te toonen wat het beteekent « modern » te zijn, in den zin zooals hij het dan toch begrijpt: menschen, toestanden, conflicten van dezen tijd op het tooneel brengen !... Want er was gelegenheid om de speciale moreele verwildering van deze na-oorlogsche periode, die beheerscht wordt door stoffelijken nood en door genotzucht, in het derde bedrijf te ontvouwen... Maar -- en deze opmerking geldt de algemeenheid onzer schrijvers -- de Vlaamsche literaire kunstenaar schijnt nog niet over 1914 heen te zijn !

Niet door opzettelijkheid wordt het algemeen-menschelijke getroffen. In « Beschuit met Muisjes » heeft Heyermans aan dit doel wel nimmer gedacht. En toch werd het door hem bereikt. Wellicht zou Schmidt in zijn pogen ook geslaagd zijn, indien hij eenvoudig den groei der gebeurtenissen, zooals elke dag ze brengt, in de uitlijning van zijn drama had gevolgd zonder de natuur van zijn scheppingsdrang geweld aan te doen. Het algemeen-menschelijke groeit spontaan op uit het gebeuren, soms zelfs uit één enkel tooneel of één sterke repliek. Doch tot die hoogte komt de auteur slechts langs de voor zijn intellect verborgen wegen der meditatiën, die zich ontwikkelen in de diepere lagen van het onderbewustzijn. Het is immers daardoor dat we met al de andere menschen verbonden zijn ?

Schmidt laat zijn schepselen niet evoluëeren. Hij schildert hun karakters, laat ze reageeren op de gebeurtenissen, die hij van buiten-af aanvoert. Een geweldige ommekeer heeft er in hun binnenste nimmer plaats. Het instinctieve gebaar, dat de moeder naar haar kind drijft, is niet het gevolg eener diepgaande karakterwijziging.

In « 't Is de gang van de Wereld » hebben we den knappen uitbeelder van menschen teruggevonden, dien we in « Het Kindernummer », in « Tilly's Tribulaties », in « De twee Vrienden en de Vrouw » leerden kennen. En de dikwijls voortreffelijke milieuschildering maakt de verwantschap tusschen « Het Kindernummer » en « 't Is de gang van de Wereld » nog inniger...

We kunnen enkel betreuren, dat Schmidt in de uitbeelding zijner personages ditmaal niet tot de uiterste konsekwenties wilde gaan. Van den vader maakte hij de eerste waarachtig sympathieke figuur in zijn gezamenlijk werk. Hij teekende hem als een afgesloofden zwakkeling met goede inborst, gelaten dragend de onheilen, beheerscht door zijn vrouw, vreesachtig tegenover zijn schoonbroer, die hem af en toe helpt met geld... In de moeder typeerde Schmidt een doorsnee-vrouw uit dezen warreligen tijd... verkwistend, tuk op vermaak, zonder veel verantwoordelijkheidsgevoel, oppervlakkig, snibbig, egoïstisch, onbewust amoraal in haar onderscheid tusschen de plichten van den jongen, die zich « amuseeren » mag, en die van het meisje, dat haar « eer » verdedigen moet... Die twee menschen heeft de schrijver met echt leven bezield... Oom Louis en zijn vrouw karakteriseerde hij met een verrassende raakheid in hun zelfgenoegzame vulgariteit. Nogmaals betreuren wij het, dat de schrijver het bizondere type, dat oom Louis heet, niet verder heeft willen gebruiken... Vreesde hij, dat de kritiek hem zijn literair cynisme zou hebben verweten? Het is toch het onomstreken recht van den kunstenaar om cynisch te zijn, vooral als het er op aankomt een cynischen tijd te schilderen !

Het bevreemdt, dat de technisch zoo onderlegde auteur het tooneel tusschen Dirk en den vader van het door hem verleide meisje in een afzonderlijk tafereel heeft behandeld... Toch bestaat er mogelijkheid om het met de tweede akte te versmelten. Wellicht heeft de schrijver hier willen vermijden, dat men hem het euvel eener opeenhooping van geweldige episodes in één bedrijf zou kunnen aanwrijven. Al te veel vestigt Schmidt de aandacht op de komst van sommige personages, door ze als het ware bij voorbaat aan te kondigen -- een feil, die heel gemakkelijk te vermijden is door het weglaten van een paar zinnen.

Hij hoefde niet te streven naar gewilde veralgemeening. Ook zonder deze poging brengt zijn werk «ware» gemeenschapskunst, d.i. -- om zijn eigen, treffende formuleering te gebruiken --die kunst « waarin de mensch zichzelf herkent, zich-zelf en zijn buurman ! »...


Items that may be related to this text

  1. ◼◼◼◻◻ Lode Monteyne: Herman Teirlinck: "D... 1926
    leven • teirlinck • (author) Lode Monteyne • menschen • De vertraagde Film • schrijver • auteur • (date-month) 1926-00 • bedrijf • Herman Teirlinck • wereld • kunst • (date-year) 1926
  2. ◼◼◼◻◻ Lode Monteyne: Ernest W. Schmidt: "... 1926
    De twee vrienden en de vrouw • menschen • leven • (author) Lode Monteyne • Ernest W. Schmidt • (date-year) 1926 • schrijver • auteur • (date-month) 1926-00 • Tilly's Tribulaties • Het Kindernummer • schmidt • 't Is de Gang der Wereld
  3. ◼◼◻◻◻ Lode Monteyne: Herman Teirlinck: "I... 1926
    leven • teirlinck • Ik dien • (author) Lode Monteyne • De vertraagde Film • auteur • (date-month) 1926-00 • bedrijf • Herman Teirlinck • wereld • kunst • (date-year) 1926
  4. ◼◼◻◻◻ Lode Monteyne: Ernest W. Schmidt: "... 1926
    De twee vrienden en de vrouw • leven • (author) Lode Monteyne • Ernest W. Schmidt • auteur • (date-month) 1926-00 • bedrijf • schmidt • (date-year) 1926
  5. ◼◼◻◻◻ Lode Monteyne: Ernest W. Schmidt: "... 1926
    moeder • leven • (author) Lode Monteyne • Ernest W. Schmidt • (date-year) 1926 • schrijver • auteur • (date-month) 1926-00 • bedrijf • schmidt • tijd
  6. ◼◼◻◻◻ Lode Monteyne: Ernest W. Schmidt: "... 1926
    leven • (author) Lode Monteyne • Ernest W. Schmidt • schrijver • (date-month) 1926-00 • Tilly's Tribulaties • bedrijf • Het Kindernummer • schmidt • (date-year) 1926
  7. ◼◼◻◻◻ Willem Putman: Ernest W. Schmidt: "... 1925-02-03
    De twee vrienden en de vrouw • oom louis • Ernest W. Schmidt • Herman Heijermans • Tilly's Tribulaties • Het Kindernummer • schmidt • 't Is de Gang der Wereld
  8. ◼◼◻◻◻ Lode Monteyne: Ernest W. Schmidt: "... 1928
    moeder • (author) Lode Monteyne • Ernest W. Schmidt • geheel • auteur • Tilly's Tribulaties • bedrijf • Het Kindernummer • schmidt • 't Is de Gang der Wereld
  9. ◼◼◻◻◻ Lode Monteyne: Herman Teirlinck: "D... 1926
    leven • teirlinck • Ik dien • (author) Lode Monteyne • De vertraagde Film • Herman Heijermans • schrijver • (date-month) 1926-00 • Herman Teirlinck • kunst • (date-year) 1926
  10. ◼◼◻◻◻ Lode Monteyne: Herman Teirlinck: "A... 1928-03
    moeder • leven • teirlinck • Ik dien • (author) Lode Monteyne • menschen • De vertraagde Film • geheel • auteur • Herman Teirlinck • wereld • tijd